|
Op de dag van het geplande vertrek woei de stront van de dijken. Het werd een zielige vertoning. "Goede reis", maar ik bleef liggen. In plaats daarvan vertrokken de uitzwaaiers.
Twee dagen later wel weg. Na twee weken kou, tegenwind, geen wind en andere ellende moest ik constateren dat noch ik, noch het schip klaar waren voor een solo najaarstocht door het kanaal en de Golf. Een beetje naief. Drie weken na vertrek was ik terug in Amsterdam. Gedesillusioneert. Wat nu? Dat waar ik jaren naar toe had gewerkt was als een zandkasteel ingezakt. Nog geen moment had ik gedacht aan een baan. Het studeren was meer vulling die nodig was voor het bouwen van de boot. Het diploma - wat kon je er eigenlijk mee? Wat wilde ik eigenlijk? Die 5000 geleende guldens had ik nog en de eigenaar hoefde ze niet meteen terug. Een lumineus idee: liften! Ik vloog naar Las Palmas, vond een boot en heb na de oversteek 3 heerlijke maanden in de Caraibbean gezworven. Toen was het geld op. << terug |
Vanaf Martinique ben ik teruggevlogen naar mijn boot, mijn vriendin, en terug naar de vraag... Wat nu?
Baan, huis, carriere, trouwen, kinderen. Het leven kabbelt voort. Dan de dood van mijn vader. Mijn vader die mij het zeezeilen leerde. Mijn vader die elk weekend en elke vakantie met gezin en zeilboot het water opging. Mijn vader met wie ik het casco van een Wibo 930 afbouwde (nou... ik mocht het gereedschap aangeven). Mijn vader die ook zijn hele leven droomde van een wereldreis per zeilboot maar dat omwille van zijn gezin niet deed.. na het pensioen zou er tijd genoeg zijn. Maar zijn lichaam liet hem in de steek en dat echte reizen is er nooit van gekomen. 6 Januarie 1999 overleed hij, 67 jaar oud, na een jarenlange vergeefse en slopende strijd. Steeds meer staat me tegen wat ik in de spiegel zie. De droom is gebleven maar ik doe er niks mee. Mijn vader had zijn keuze gemaakt en heeft daar nooit spijt van gehad. En ik? Heb ik mijn keuze gemaakt of gewoon de makkelijkste weg gevolgd? Verder >> |
|